Logo Universiteit Utrecht

Moedertaal in NT2

Meertaligheid: nadeel of voordeel?

Mensen denken wel eens dat verschillende talen elkaar in de weg zouden zitten in het hoofd van de taalgebruiker. Volgens die gedachte kun je de talen voorstellen als ballonnen in het hoofd van de gebruiker, die samen maar een beperkte ruimte kunnen innemen. Dat zou betekenen dat meer ruimte voor de ene taal altijd ten koste gaat van de andere. Een docent Nederlands als tweede taal zou dan maar beter geen aandacht kunnen besteden aan de eerste taal van de cursist: dat zou immers ten koste gaan van de ‘ruimte’ voor de nieuwe taal, het Nederlands.

Het idee van de ballonnen blijkt echter niet te kloppen. Taalkundig en psychologisch onderzoek laat juist zien dat de verschillende talen elkaar kunnen versterken, en dat meertaligheid zelfs voordelen kan opleveren. In die visie wordt uitgegaan van een algemeen taalvermogen waar alle verschillende talen uit putten. Als de ene taal zich ontwikkelt, wordt het onderliggende taalvermogen uitgebreid, wat ook weer een positief effect heeft op de andere taal of talen. Dat betekent dat een NT2-docent niet bang hoeft te zijn dat gebruik van de eerste taal het leren van Nederlands in de weg zit – integendeel!

Hieronder is een literatuurselectie te vinden over dit onderwerp:

  • Woumans, E., Surmont, J., Struys, E. & Duyck, W. (2016). The longitudinal effect of bilingual immersion schooling on cognitive control and intelligence. Language Learning 66(2), 76 -91. Lees dit artikel hier (pas op: het zit achter een betaalmuur).

Dit onderzoek laat zien dat kinderen die thuis een andere taal spreken dan op school een voordeel hebben t.o.v. eentalige kinderen. Voor het onderzoek gingen Franstalige kleuters in Wallonië de helft van de week naar een kinderopvang waar ze alleen maar Nederlands hoorden. De kleuters scoorden na een jaar significant hoger op een intelligentietest dan de kleuters die naar een eentalige opvang gingen. Wat betreft spreekvaardigheid en cognitieve controle scoorden beide groepen kinderen hetzelfde. Het voordeel ten opzichte van andere kinderen zou, zo stellen de onderzoekers, voortkomen uit de ontwikkeling van de wendbaarheid van de hersenen bij de tweetalige kinderen

  • Baker, C. (2006). Cognitive theories of bilingualism and the curriculum. In C. Baker (Red.), Foundations of Bilingual Education and Bilingualism (166-186). Clevedon: Multilingual Matters. Lees dit werk hier.

In dit hoofdstuk geeft Baker een overzicht van verschillende cognitieve theorieën over meertaligheid en de ontwikkeling van die theorieën door de jaren heen. Belangrijke theorieën van onder de beroemde onderzoeker Jim Cummins komen aan bod, waaronder de Thresholds Theory en de Developmental Interdependence Hypothesis.

  • Dorren, G. (2016). Meertalig opvoeden: nog steeds een goed idee? Onze Taal, 85(1), 12-13. Lees dit artikel hier.

In dit stuk in tijdschrift Onze Taal gaat Gaston Dorren in op de huidige ideeën over de voordelen van meertalig opvoeden. Waar eerdere onderzoeken duidelijke cognitieve voordelen lieten zien van meertaligheid, is de laatste jaren ook veel onderzoek verschenen waarin die voordelen niet werden gevonden. Volgens Dorren is dat geen reden de eerdere onderzoeken als toevalstreffers te beschouwen. Met name voor jonge kinderen en voor ouderen (twee leeftijdsfasen waarin de hersenen sterk veranderen) lijkt meertaligheid wel degelijk voordelen op te leveren. Daarnaast blijft meertaligheid ook in andere opzichten voordelig: meertaligen kunnen met meer mensen communiceren, meer verschillende boeken en websites lezen en wie al vanaf jonge leeftijd een tweede taal spreekt, kan ook makkelijker een derde of vierde taal leren.

  • Blom, E., Boerma, T., Bosma, E., Cornips, L., & Everaert, E. (2017). Cognitive advantages of bilingual children in different sociolinguistic contexts. Frontiers in Psychology 8, 1-12. Lees dit artikel hier.

In dit onderzoek is gekeken naar het effect dat tweetaligheid heeft op de cognitieve vaardigheden van kinderen binnen verschillende sociolinguïstische contexten. Om dit te onderzoeken zijn de prestaties van drie groepen van 6- en 7-jarige tweetalige kinderen vergeleken met die van de controlegroep, bestaande uit eentalige kinderen. De eentalige kinderen binnen dit onderzoek spraken Nederlands; de meertalige kinderen spraken naast het Nederlands ook Fries, Limburgs, of Pools. Beide groepen kinderen zijn vervolgens getest op hun werkgeheugen en vaardigheden met betrekking tot selectieve aandacht en het onderdrukken van prikkels. Uit het onderzoek blijkt dat de voordelen van tweetaligheid vooral merkbaar zijn in de mate waarin kinderen hun aandacht kunnen richten op informatie die nodig is om een gegeven taak uit te kunnen voeren.

  • Dit artikel van prof. dr. Elma Blom biedt een toegankelijk overzicht van (onderzoek naar) voordelen van meertalig opgroeien. Bovendien gaat de oratie die prof. dr. Elma Blom in januari 2019 heeft gehouden in op een aantal mythen rondom meertaligheid bij kinderen. Deze oratie biedt zo helder inzicht in de huidige stand van zaken in onderzoek naar meertaligheid.
  • Tot slot kunt u hier een boek vinden over meertalig opvoeden van neerlandica én moeder van meertalige kinderen Marinella Orioni.